Honderdveertien
De jobcoach vond het vervelend voor me, maar kwam met eenzelfde soort uitleg. Volgens hem had mijn aanspreekpunt er waarschijnlijk niet bij stilgestaan dat het voor mij niet alleen belangrijk was dát er iemand aanwezig was, maar juist dat híj er zou zijn. En het was hem vast ontschoten mij van tevoren even in te lichten. Hij zou het met hem bespreken en dan ging het in de toekomst vast beter.
Nu ik terugkijk op die periode besef ik dat ik het jammer vind dat de jobcoach me nooit de vraag heeft gesteld of het bedrijf wel de juiste plek voor mij was. In plaats daarvan bleef hij een beroep doen op mijn uithoudingsvermogen. Als we mijn behoeften onder de aandacht bleven brengen, zou het op een dag vast wel goedkomen. Als ik maar geduld had.
Met alle teleurstellende ervaringen die achter me lagen, vond ik het heel moeilijk om zelf vraagtekens bij mijn werkplek te zetten. Ik verlangde zo naar stabiliteit in mijn leven dat ik graag wilde geloven dat mijn jobcoach gelijk zou krijgen en ik deze keer mijn baan kon behouden.