Honderdtien

Ik schrok pas echt toen ik op een dag tegen het einde van de middag thuiskwam en via de roosterapp met het bericht werd verrast dat de administratief medewerkster die me eerder zo goed had opgevangen op non-actief was gesteld. 

“Met vragen over de administratie kunnen jullie voorlopig bij die en die terecht. Met vriendelijke groeten.”

Geschokt keek ik naar mijn scherm. Het was een enorme verandering die uit de lucht kwam vallen. Het werd even kort en zakelijk medegedeeld, alsof niemand er iets bij zou voelen. Ik kreeg er koude rillingen van. Ik werkte er pas een paar maanden. Bij de collega’s die haar jarenlang in vertrouwen hadden genomen, was het nieuws misschien nog wel harder binnengekomen. Hoe was het in vredesnaam mogelijk dat er binnen een bedrijf dat al jaren mensen met autisme in dienst had zo werd gecommuniceerd?

Nadat de jobcoach met de directeur had besproken hoeveel impact het op ons had gehad, werd er direct tijd gemaakt voor een gesprek. De jobcoach kwam naar me toe. Omdat hij wist dat een onverwacht gesprek mij belastte, zei hij dat ik me vrij mocht voelen om nee te zeggen. Toch voelde ik die vrijheid niet. Het gesprek zou hoe dan ook NU plaatsvinden. Als ik niet ging, zou ik de kans missen om iets te bespreken wat me diep had geraakt. Dus ging ik wel.

De directeur gaf aan dat hij het vervelend vond, maar dat de communicatie echt niet anders had gekund. Hij had het belangrijk gevonden dat alle werknemers het nieuws tegelijk kregen. De jobcoach vroeg ons één voor één of we iets wilden zeggen. Aangezien het zo plots was georganiseerd en ik was geschrokken van de woorden van de directeur, kon ik geen woord uitbrengen. Bij de rest kwam er ook nauwelijks iets uit, dus eindigde het gesprek. 

Scroll naar boven