Drieëntachtig
Met mijn jobcoach werkte ik aan een signaleringsplan dat door mijn collega’s positief werd ontvangen, maar waar op de werkvloer weinig mee werd gedaan. Ik zei tegen mijn jobcoach dat ik het jammer vond dat er niet werd geëvalueerd, waarop zij antwoordde dat de collega’s wisten dat ze bij haar terecht konden met vragen. Als zij nergens mee kwamen, kon zij niets doen.
Stond ik daar weer.
Alleen.
“Nee,” zeiden de collega’s, “die jobcoach is er voor jou Ilse, niet voor ons.”
Nee, de jobcoach is er om ons te helpen een brug te bouwen tussen onze verschillende manieren van denken en het is aan jullie om te leren hoe je de helft van die brug onderhoudt.
Het drong niet door.
Ik kwam er niet doorheen.