Honderdachttien
Na de zomerperiode had ik van mijn aanspreekpunt een mooi compliment gekregen. Breed lachend vertelde hij dat het de eerste zomer was geweest waarin de klant hem niet had gebeld omdat er een product ontbrak. Ik had geweldig werk verricht. Ga zo door Ilse.
Ik wilde wel, maar ondertussen lieten zelfs de kleinste verbeteringen op zich wachtten en zonder de juiste steun wist ik dat ik het op lange termijn niet zou volhouden.
Met mijn jobcoach besprak ik of het een idee was om de directeur en een paar leidinggevenden ook in vertrouwen te nemen. Ik wilde me best kwetsbaar opstellen en over mijn suïcidale gedachten vertellen. Misschien opende dat hun ogen. Voor mij was het een laatste poging om voor mezelf op te komen in de hoop dat ik mijn baan zou kunnen behouden. Iets anders kon ik niet meer bedenken.
Mijn jobcoach dacht dat openheid goed zou zijn en steunde mijn idee. Ik schreef mijn verhaal op, vroeg hem mee te lezen en hij deelde het vervolgens met vier leidinggevenden, waaronder de directeur.