Tien
Terug in de tijd
Een laatste gesprek. Een werkgever en jobcoach die de verwachting hadden dat ik nog een laatste keer rond de tafel zou komen zitten om het “goed af te sluiten.”
Het was natuurlijk de bedoeling dat ik het begreep, wat me meestal wel lukte, maar het deed te veel met me. Aanschuiven en nog een laatste keer horen hoe tevreden men was over het werk dat ik had gedaan, hoe prettig in de omgang ik was, dat ze me liever niet zagen gaan, maar ja, “de omstandigheden waren nu eenmaal niet passend voor mij”.
Het gaf me het gevoel dat het mijn schuld was. Alsof er geen verantwoordelijkheid werd genomen, maar die eigenlijk volledig op mijn schouders rustte. Alsof er werd gedacht: “Hè, wat jammer, als jij je gewoon aan de situatie had kunnen aanpassen, had je kunnen blijven!”
Ik kon het niet meer opbrengen. Vriendelijk lachen en begripvol knikken als er werd gezegd dat er heus wel een plek voor me was. Elders. Niet hier, maar elders.
Tien jaar later kom ik het liefst nog steeds geen oud-collega’s tegen die vragen “hoe het nu met me is”, want zelfs het positiefste antwoord dat ik kan verzinnen maakt zoveel verdriet los dat ik me niet meer kan bewegen.
“Ik zoek nog steeds naar een passende baan.”